hystoblog

Home » Posts tagged 'Bokke Visser'

Tagarchief: Bokke Visser

Trekwei 13 – paard te water

1914, Trekwei 13 - v.l.n.r.: Sake van der Werff, Pieter Sjoerds van der Ploeg, Romkje van der Werff en haar moeder Geertje van de Werff-Bits [collectie Foestrumer Archief].

1914, Trekwei 13 – v.l.n.r.: Sake van der Werff, Pieter Sjoerds van der Ploeg, Romkje van der Werff en haar moeder Geertje van de Werff-Bits [collectie Foestrumer Archief].

Negen september 1958. Het is nog vroeg. Zeer vroeg, als zwaar onweer over Westergeest trekt. Maar Sake van der Werff, boer op Trekweg 13, moet toch naar buiten. Zijn zevental koeien loopt ergens onder Oostrum en die moeten gemolken worden. Er is geen tijd te verliezen, want rond zeven uur komt melkrijder Bokke Visser [de Dôlle 5] de melk ophalen. Bokke kwam dan met paard en wagen. Hij had een hekel aan wachten.

Sake van der Werff kwam van Broeksterwoude. Daar werd hij op 10 mei 1900 geboren in het gezin van Pieter en Geertje van der Werff – Bits. Een schipper die luisterde naar zijn vrouw, die op de vaste wal wilde wonen. Daarom had Pieter de boerderij Trekwei 13 gekocht.

De boerderij is bekend als ‘De Kelders’ omdat er grote kelders onder de grote gelagkamer waren. Aan huis hadden ze, zoals in die tijd veel vaker voorkwam, een kroegje. Een trochreed, met B-vergunning. In de muur waren ringen bevestigd waaraan de paarden vastgezet konden worden. Paarden van bezoekers die een versnapering kochten. Geen sterke drank – hoewel, bij “Kelders Geartsje” was wel wat te regelen …

Zodoende kwam Sake dus in Westergeest terecht, [ook] als boer aan de Trekwei en werd hij “Sake fan de Kelders”. Op 25-jarige leeftijd trouwde hij met Dieuke Broersma, geboren op 07 november 1899 te Ee. Ze hadden het goed. Rond de zeven koeien, 4 hokkelingen, een honderdtal kippen en tien varkens voor de slacht. In het spekhok hingen worsten en spek.

Sake had in de wijde omgeving landerijen; van ruilverkaveling was nog geen sprake. Daarom liepen zijn koeien in september 1958 ook niet dicht bij huis. En moest hij rond vier uur ‘s ochtends naar buiten. Om zijn koeien te melken. Met paard en wagen, tijdens donder en bliksem langs de Trekvaart. Waar de wegeigenaar op dat moment witte paaltjes klaar had liggen om in de berm geplaatst te worden.

Het paard kon het werk goed aan. Het was een “dikke, zware Bovenlander”. Een Groninger paard met een sterk karakter: “Een zwaar, lang gelijnd warmbloedpaard met een krachtige bouw, een sprekend hoofd, een gespierde middellange hals, voldoende schoft die soepel overgaat in een niet te lange, sterke rug, een tamelijk schuine schouder, een brede en diepe zwaargespierde romp, ronde welving der ribben, een zwaar ontwikkelde achterhand, massief beenwerk met korte platte pijpen en ruime harde voeten. Het temperament is gelijkmatig en toch voldoende levendig. Het paard is sober en werkwillig“.

Leeuwader Courant, 10 september 1958

Leeuwader Courant, 10 september 1958

Prachtige eigenschappen. Maar het paard van Sake was bovendien schichtig. En had de gewoonte om bij schrik achteruit te komen. Voor de boer is leiden dan in last, want hij heeft dan geen enkele controle meer over het dier. En deze beide laatste eigenschappen werden noodlottig.

Sake was nog maar net vertrokken. Hij reed ter hoogte van de Lange Brug, toen de bliksem uit de hemel sloeg. De witte paaltjes langs de Trekwei lichtten flitsend op. Het paard schrok en kwam terug. Langs de kant van de Trekvaart. Sake kon zijn vege lijf redden, maar paard en wagen raakten in de Trekvaart. Het paard kwam los van de wagen en kon naar de overkant zwemmen. Maar de benen raakten verstrikt in de leidsels. Het hoofd werd onder water getrokken. Het paard kon het hoofd niet boven water houden en verdronk.

Tijdens een fotoavond in De Tredder vertelde Jappie van der Werff: “Heit kaam te gean wer thús”.
Op 20 februari 1972 overleed Sake, Dieuke overleed op 16 juni 1990. Ze hadden twee kinderen.

Misschien weet u meer te vertellen? Schroom dan niet om dan contact op te nemen. En help op die manier mee onze [dorps]geschiedenis completer te maken.

bronnen

Het was behelpen

Topografische kaart 1870-1935

Topografische kaart 1870-1935

Op een oude kaart uit 1927 staan ze ingetekend. Ten oosten van It Mounehiem. Ten oosten van de oude hemrikgrens. Aan de kant van Oudwoude.

klik hier voor de woningen ten westen van It Mounehiem

In 2008 zat ik aan tafel bij Jacob Steringa. En Jan Dijkstra. Beiden inwoners van Oudwoude. Van hen kreeg ik informatie over de bewoners.

De eerste woning [kadastraal bekend in gemeente Westergeest Sectie B nommer 1282] werd op 1 december 1913 gekocht door Bokke Klazes Visser [1882 – 1944] en Antje Stoker [1882 – 1976]. De familie Visser is één van de oudste families in Oudwoude.

Bokke overleed op jonge leeftijd op 1 oktober 1944. Hij liet zijn vrouw achter met vier jonge kinderen [Metje, Geale, Wietze en Lolke]. De andere kinderen waren de deur al uit:

  • Klaas was arbeider, woonde in Oudwoude en werd voogd over de jongste kinderen;
  • Jantje was getrouwd met Rinze Bosma. Een arbeider aan de Wâlddyk;
  • Sijberen woonde in Westergeest;
  • Lieuwe was meubelmaker aan de Wâlddyk onder Westergeest.

Bokke bracht de mest met een boot naar het land. Na zijn overlijden hield zijn vrouw het boerenbedrijfje draaiende. Acht koeien om te melken – best een prestatie! Ze was gewend aan hard werken. Ze had gediend op Allemastate.

Op 1 juli 1947 verkocht Antje de woning met land aan Marten Martens Poelman, arbeider te Oudwoude. Marten was getrouwd met Hennie. Marten Poelman verkocht het op zijn beurt op 22 november 1948 aan Gerk Geerts van der Veen, “landarbeider” te Oudwoude.

In de verkoopakte staat: “Een huis met hok erf en tuingrond en een perceel weiland, staande en gelegen onder Oudwoude, kadastraal bekend in gemeente Westergeest Sectie B nommers 1282 en 531 samen groot een hectare zeven aren dertig centiaren. De percelen zijn bevoorrecht en belast met reed en drift als vanouds”.

Op 9 april 1947 werd het andere huis door Sietze Knoop [zonder beroep te Driesum] verkocht. Ook aan Gerk Geerts van der Veen. In deze verkoopakte staat: “Een huis met hok erf, tuingrond en een perceel weiland, staande en gelegen achter Wijgeest onder Oudwoude, kadastraal bekend in gemeente Westergeest, Sectie B. nommers 1283 huis erf en tuingrond groot zeventien are twee en zestig centiare en 951 weiland groot vier en dertig are acht en veertig centiare”.

Sietze Knoop had dit huis in 1906 gekocht. Hij was toen getrouwd met Jitske Groenewoud. Jitske overleed op 9 april 1946. Ze waren kinderloos.

Het lijkt er op dat Gerke en Anne van der Veen zodoende twee woningen op hun naam kregen. Ongeveer 15 jaar lang hebben ze daar gewoon. Toen vond Anne het genoeg. Ze wilde “út’e modder wei“. Want modder was er! Zoveel dat er voorzorgsmaatregelen getroffen moesten worden. De schoenen stonden altijd klaar bij kennissen aan de Swartewei. Om daar klompen of laarzen om te ruilen. Om zo met schone schoenen in de Gereformeerde kerk te Kollum te zitten. Als er bij hun woning een tekort aan regenwater [lees drinkwater] was, werd dat met melkbussen vers aangevoerd.

Kortom, het was er afzien; “it wie d’r behelpen!“.

En nu u als u aanvullende informatie hebt, foto’s of ander illustratiemateriaal. Reageer dan op deze post en help onze dorpsgeschiedenis completer te maken.