hystoblog

Home » 2014 » november

Maandelijks archief: november 2014

Advertenties

7 platen, 8 fragmenten

Het lijkt heel symbolisch dat de 8 fragmenten van grafplaten op de kerkdrempels te vinden zijn. Alsof daarmee aangegeven wordt dat we nog maar op de drempel van ons kennen staan en slechts fragmenten weten van de langvervlogen tijden waarin deze fragmenten nog tot één geheel behoorden.

zanstenen sarcofaagdeksel [2]Ook de 7 vrij intacte grafplaten of sarcofagen die in de kerk liggen geven niet alle geheimen prijs. Wellicht bedoeld als kostbare nagedachtenis aan een overledene liggen de meesten nu als nieuwsgierige herinnering aan deze voor- en vroeg-Christelijke tijden. Eén zandstenen zerk [69-91 x 233 cm] in het koor van de kerk prikkelt die nieuwsgierigheid helemaal. Het heeft versieringen die op palmboompjes lijken en een figuur gekleed in een lang gewaad met daarboven drie kleinere figuurtjes. Het lijkt er vanwege de vorm op dat het gaat om een sarcofaagdeksel.

De naam van degene voor wie deze eeuwenoude zandstenen grafsteen is gemaakt is onbekend. Toch valt te denken aan een vooraanstaand persoon van adel of een hoge geestelijke. Het viel niet mee om een dergelijke zerk te maken; het vakmanschap plus het risico op breukschade en kostbaar vervoer maakten het een kostbare onderneming die zeker niet door iedereen te dragen was.

Als we de afgebeelde figuren nader bekijken, vallen een aantal details op: zo lijkt de afgebeelde persoon een monnikspij te dragen, welke rondom de middel met een riem of touw op zijn plaats wordt gehouden. De persoon lijkt op zijn tenen te staan, wat er op kan duiden dat de afgebeelde persoon overleden is.

Rondom de steen zijn prachtige afbeeldingen te zien die mogelijk verwijzen naar de oud-Germaanse Irminsul. Dezelfde vorm vinden we terug in de zogenaamde ’levensboom’ boven de voordeur of als muurankers. De Irminsul was een belangrijk heiligdom voor de Saksen van de achtste eeuw na Christus met vermoedelijk grote symbolische betekenis.

Boven de persoon zijn drie wezentjes afgebeeld; mogelijk verwijzend naar drie kinderen of drie engelen. Verondersteld wordt dat deze drie figuurtjes twee engelen met de overledene voorstellen op weg naar de hemel.

Het kan ook zijn dat de drie wezentjes verwijzen naar de verering van de Heilige Drie Koningen. Keulen was sinds 1164 het middelpunt van deze verering. Op zogenaamde alsengemmen komen de drie wezentjes eveneens voor en het lijkt er op dat alsengemmen gemaakt zijn in het midden-Rijngebied. Dit gebied was al vanaf de Romeinse tijd zetel van de glasindustrie in Germanië. Alsengemmen werden van daaruit mogelijk door de pelgimgangers als devotiepenningen gebruikt en wijd verspreid.

In een aantal posts schets ik de komende maanden mijn zoektocht naar antwoorden. Want zou het mogelijk kunnen zijn dat de drie figuurtjes op de zandstenen grafzerk een verwijzing zijn naar het feit dat de overledene de Keuls-Germaanse versie van het christendom nastreefde maar eveneens knipoogde naar de Iers-Keltische variant en daarom de zerk ook omlijstte met een gekerstende, heidense Irminsul? Het zou een vroegste vorm van het poldermodel zijn …

Wordt dus vervolgd.

Advertenties

3 korte berichtjes

Anna van der Werf [collectie Wierd Visser]

Anna van der Werf [collectie Wierd Visser]

’t Was allesbehalve vrede, …

Zo begint het meest uitgebreide krantenknipsel over de beledigingen die Anna vd W. in 1922 uitte tegen haar dorpsgenoten.  Het lijkt er op dat Anna ruzie had met een groot deel van de vrouwelijke bevolking van Westergeest.

  • Op 06 september 1922 schreef de redactie van de Leeuwarder Courant dat tegen haar 25 gulden of 25 dagen hechtenis werd geëist inzake “eenvoudige beleediging” van Martje Korf. Martje Korf werd geboren op 22 juli 1879 en trouwde in 1910 met weduwnaar Jan de Jong [1874 – 1915]; zij overleed op 6 september 1955.
  • van Lunen voelde zich op 2 september 1922 zo beledigd dat zij aangifte deed. De eis [15 gulden boete of 15 dagen hechtenis] die een half jaar later werd uitgesproken staat beschreven in het Nieuwsblad van Friesland, 16 maart 1923. Deze eis werd uiteindelijk omgezet in een vonnis. Het zou kunnen zijn dat hier Elsje van Lune [geboren te Buitenpost in 1899] wordt bedoeld. Elsje was op 14 februari 1920 getrouwd met de dertig jaar oudere, gescheiden Binne Steringa uit Westergeest.
  • Met het derde artikeltje wordt het nog lastiger. In het Nieuwsblad van Friesland d.d. 23 maart 1923 wordt heel kort gemeld dat Anna vd. W. is veroordeeld tot 10 gulden boete of 10 dagen hechtenis. Ik zoek nog naar informatie tegen wie zij die belediging heeft uitgesproken.

 

Maar wie was Anna vd W.? Was zij werkelijk zo’n bijzondere vrouw dat zij met iedereen ruzie had?

De drie krantenknipsels geven maar een paar aanwijzingen. Zij was 41 jaar en huisgenote van J.V. Het bleek een lastige zoektocht. Tot ik een officiële inschrijving in de gemeente

zeeman Johannes Visser [collectie Wierd Visser, Spier]

zeeman Johannes Visser [collectie Wierd Visser, Spier]

Kollumerland c.a. vond. Een inschrijving op 24 mei 1919 van:

  • Johannes Visser, geboren op 24 december 1876 te Hellevoetsluis
  • Anna van der Werff, geboren op 30 april 1881 te Zwaagwesteinde
  • Arendje Visser, geboren 29 februari 1912 te Hellevoetsluis
  • Berendina Visser, geboren 4 november 1916 te Zwaagwesteinde
  • Theodorus Johannes Visser, geboren op 3 februari 1919 te Zwaagwesteinde.

Dan komt er snel wat meer informatie los. Daardoor kon ik een post plaatsen waar een kleinzoon van Anna op reageerde! En op 06 februari 2016 bezocht ik kleinzoon Wierd Visser. Zoon van Theo Visser. Op zijn boerderij in Spier.

Anna van der Werff, een schippersdochter. “Zeemans’ Anne” werd ze ook wel genoemd. Een zus van de bekende hoteleigenaar Sake van der Werff op Schiermonnikoog. Ze was een “schier vrouwtje”, slank en mager en geen grammetje vet. Er wordt verteld dat ze op hoge leeftijd nog zo op de tafel sprong. Als jonge vrouw voer ze met een turfboot over de Zuiderzee naar Amsterdam. Soms “yn’e line”, “jagen” – bij gebrek aan wind de boot vooruit trekken. Met het touw om de borst. Ze liep daardoor gebogen.

In Rotterdam leerde ze weer recht lopen. En leerde ze tafeletiquette. Toen ze werkte bij welgestelde mensen. Daar kreeg ze ook verkering met Johannes Visser. Op 18 mei 1911 trouwde ze met Johannes, dan aannemer op een marinewerf en wonende te Hellevoetsluis. Anna was volgens de huwelijksakte “wonende te Zwaagwesteinde, binnen de laatste zes maanden mede woonachtig geweest te ’s Gravenhage”.

Samen kregen ze drie kinderen:

  • Arendje, geboren op 29 februari 1912. Een interview met Arendje verscheen op 13 februari 1991 in het Nieuwsblad van Noordoost Friesland.
  • Berendina, geboren op 01 november 1916
  • Theodorus Johannes [Theo], geboren op 03 februari 1919
Kalkhúswei 28

Kalkhúswei 28

Ze hebben gewoond Kalkhúswei nummer 28, zoals hiernaast afgebeeld. Johannes voer toen over al de wereldzeeën. Hij was ‘import’ en de Westergeastmer jongens waren niet zo dol op een indringer.

Anna stond er zeer veel alleen voor en ze leerde “voor zichzelf opkomen”. Ze was een Godvrezende vrouw en recht door zee. Haar hulp schonk ze in de oorlogsjaren aan Duitsers én Geallieerden. Geartsje Couperus [Veenwouden] heeft haar persoonlijk gekend. Ze kwam heel vaak bij haar eten. Zij herinnert zich Anna als een “hele warme, behulpzame en gelovige vrouw”. Een kleurrijke persoonlijkheid die ook haar uiterste best deed om er te mogen zijn.

Een paradijsvogel.

Nu u? Helpt u mee met aanvullingen of foto’s? Kleinzoon Wierd Pieter Visser reageerde al. Door hem werd een eenzijdig verhaal over Anna van der Werff completer.

Bronnen o.a.:

 

5 mannen vochten tegen België

Vijftien jaren waren het maar. Vijftien jaren Verenigd Koninkrijk der Nederlanden onder koning Willem I. Toen konden de inwoners van het huidige België zich niet meer vinden in de autoritaire regeerstijl van de koning. Het resulteerde in 1830 in een burgerlijke revolutie. Op 4 oktober van dat jaar werd de zelfstandigheid van België uitgeroepen.

Een dag later riep Koning Willem I op tot de strijd en vond hij een enthousiast gehoor onder de Nederlandse bevolking. Al na een jaar voerde Koning Willem I van 2 augustus tot 12 augustus 1831 een veldtocht uit om de opstand in België de kop in te drukken. Hij slaagde daarin, maar onder dreiging van Frankrijk kreeg België toch de verlangde zelfstandigheid.

De oproep van Koning Willem I vond ook in Westergeest gewillige oren.

Vijf dorpsgenoten vochten in ’s Konings naam:

Geert Annes Klaver [* 05|03|1805 – † 18|02|1856]

  • 1e afdeling, 3e bataljon, 4e compagnie
  • zat in maart 1831 bij het mobiele leger in garnizoen te Leeuwarden
  • hij trouwde na de oorlog op 29 mei 1841 met Mettje Kooistra [* 26|10|1813 – † 13|03|1871].

Pieter Botes Zuidema [* 29|12|1799 – † 12|01|1848]

  • 1e afdeling, 1e bataljon, 1e compagnie
  • van 14 november 1830 tot 14 juni 1831 te Den Bosch; op laatstgenoemde datum bij het leger te velde
  • van 01 augustus 1831 tot 22 augustus 1832 in het hospitaal
  • hij kon door ziekte niet deelnemen aan de Tiendaagse Veldtocht maar ontving wel het Metalen Kruis.
  • op het moment dat hij op 47 jarige leeftijd kwam te overlijden was hij arbeider en woonde hij in Groningen. Op 23 mei 1834 trad hij als 34-jarige in het huwelijk met de 37 jarige Antje Tjallings Buursma. Hij was toen kasteleinsknecht en woonde in Leeuwarden. De huwelijksakte vermeld fijntjes: “hebbende aan de Militie voldaan”.

Johannes Baukes Westra [* 08|08|1805 – † 24|06|1874]

  • 1e afdeling, 3e bataljon, 4e compagnie
  • in maart 1831 bij het mobiele leger in garnizoen te Leeuwarden
  • op 27 juli 1838 trouwde hij met Antje Abrahams van der Tuin, geboren te Oudwoude op 17 maart 1810. Zij overleed op 09 januari 1897, 86 jaar oud. Johannes Baukes was toen gardenier en woonachtig onder Westergeest. Hij heeft zijn vader Bauke amper gekend. Vader Bauke diende als ‘ramplesant’ in het Franse leger. Hij deserteerde in 1813 en verdween kort daarna spoorloos. Johannes Baukes was 68 jaar oud toen hij op 24 juni 1874 kwam te overlijden.

Wybe Jans Heins [* 04|12|1805 of 1806 – † 19|06|1854]

  • 1e afdeling, 3e bataljon, 4e compagnie
  • in maart 1831 bij het mobiele leger in garnizoen te Leeuwarden
  • hij was bij zijn overlijden arbeider onder Westergeest, maar lijkt ook gardenier en schipper te zijn geweest. Hij overleed midden op de dag in huis nummer 38. Op 27 juni 1835 was hij getrouwd met de toen 30 jarige Nieske Jaspers van der Haak [* 28|10|1804 – † 09|01|1878].

Naast bovenstaande dorpsgenoten waren er nog “schutters niet voorkomende op de lijsten van deelnemers aan de Tiendaagse Veldtocht”:

Pieter Jans Korporaal [* 11|09|1898 – † 26|04|1847]

  • 1e afdeling, 3e bataljon, 3e compagnie [plaatsvervanger]
  • Pieter Jans werd pas gedoopt op 13 mei 1799, trouwde op 1 februari 1821 als boerenknecht met naaister Grietje Johannes Rozier uit Anjum [* 14|08|1798 – † 28|02|1863] en woonde rond 1830 als arbeider onder Westergeest [huisnummer 91]. Hij komt in Ooststellingwerf te overlijden op 26 april 1847, 48 jaar oud.

tiendaagseveldtocht

9 mannen vochten in “Indië”

Indië-gangers [020-FA]Tijdens de oorlog na de Tweede Wereldoorlog vochten 9 mannen uit Westergeest in een ver, warm land.

Het was niet hún oorlog. Zij zaten destijds niet op “Indië” te wachten. Ze waren verplicht om ons bevrijde Nederland te verlaten vanwege de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog [1945 – 1949] – in feite een guerrilla van de Indonesische nationalisten tegen de Nederlandse eenheden.

In deze periode werden twee kortdurende Nederlandse offensieven uitgevoerd; de zogenaamde politionele acties. Zo genoemd omdat Nederland Indonesië niet als een onafhankelijke staat erkende maar als een opstandige beweging in de kolonie Nederlands-Indië.

Tjalling Sipma was de eerste dorpsgenoot. Hij moest in het voorjaar 1946 voor zijn dienstplicht opkomen in Kampen. Daar volgde hij enkele maanden een opleiding en kreeg hij te horen dat hij naar “Indië” moest. De vertrekdatum voor zijn groep was 03 september 1946. Vijf andere jongens volgden snel:

  • Tjalling Sipma [* 04|11|1925]
  • Heine van Assen [* 24|08|1925 – † 01|10|1996] [links op de foto]
  • Lieuwe Huisman [* 06|12|1925 – † 22|07|1998][midden op de foto]
  • Jan Kingma [* 26|02|1925 – † 21|10|2000]
  • Sierk Schotanus [* 07|04|1925 – † 23|07|1996]
  • Andries van der Veen [* 25|05|1925 – † 26|08|1972] [rechts op de foto]
  • Abraham de Vries [*11|08|1915 – † 02|07|1987]
  • Jan Veenstra [* 02|10|1925 – † 27|11|1969]
  • Heine de Bruin [* 19|02|1928 – † 03|09|1994]

Voor Liekele van der Veen [* 21|04|1925 – † 22|04|2004] en Heine de Bruin werden uitzonderingen gemaakt. Liekele kon niet gemist worden op de boerderij en bleef thuis. Heine de Bruin wílde niet achterblijven als de ‘andere jongens wel moesten gaan’.

Heine van Assen heeft van zijn Indië-tijd een fotoalbum gemaakt. Foto’s uit dit album zijn / worden geplaatst op mijn blog ‘Indiëganger, Heine van Assen

3 veenlijken gevonden.

Een schat aan informatie ligt verborgen in de archieven van kranten. Zo ook in “Het Nieuws van den Dag” van maandag 20 juni 1870. Verscholen in deveenlijken rubriek ‘Gemengd Nieuws’ wordt melding gemaakt van de vondst van “skeletten van drie volwassen menschen” in de “toel”aarde – een Noord-Friese benaming voor het veen onder de zeeklei.

Meer bronnen zijn niet bekend en we moeten het doen met de informatie uit het korte krantenartikeltje.

Toch geeft dat wel enkele aanwijzingen. Het gaat hier om zogenoemde veenlijken; een bijzonder gegeven dat er op kan duiden dat deze drie mensen zijn geofferd. Een aanwijzing daarvoor is de vermelding dat de vinders het idee hebben gehad dat twee van deze personen “aan elkander gebonden hun dood moeten hebben gevonden”. Maar ook de opmerking dat het hoofd van de romp gescheiden was, duidt op een mensenoffer.

Bij het offeren werd grof geweld gebruikt; de mensen die werden geofferd werden vastgebonden, gewurgd, doodgestoken of onthoofd.

De datering van de veenlijken is volgens de “Archeologische verwachtingskaart gemeente Kollumerland en Nieuw Kruisland” vermoedelijk Midden/Late IJzertijd. Met IJzertijd wordt hier bedoeld te periode tussen ongeveer 800 voor Christus tot ongeveer het begin van onze jaartelling.

De skeletten zijn gevonden in wat nu de Âldswemmer heet omdat de Nieuwe Zwemmer enkele jaren later pas werd uitgegraven. De naam Âldswemmer is sinds 15 maart 2007 de officiële naam en heeft de eerdere [officiële] naam Oude Zwemmer vervangen. De Âldswemmer [Âlde Swemmer] loopt van de Nieuwe Zwemmer noordwaarts, buigt ten zuiden van de Anjen tot voorbij het Mâlegraafsgat naar het Dokkumer Diep.

Aldswemmer

‘Cleyn Buma’ [Bumawei 23]


Buma - familiewapen in Cleyn Buma 1
Sinds 1982 prijkt er in de eindgevel van de boerderij Bumawei 23 een steen met een wapen en onderschrift ‘Cleyn Buma’. Het geeft aan dat deze boerderij mogelijk een eeuwenlange geschiedenis heeft en wellicht ook de genoemde Buma State in Westergeest is geweest.

huizingeAl tussen 1500 en 1550 wordt het geslacht Buma genoemd als woonachtig te Westergeest en was het eigenaar van een aanzienlijke woning te Oudwoude en meerdere states onder de klokslag van Westergeest.

In 1683 wordt in de proclamatieboeken een ‘Cleyn Buma’ te Westergeest genoemd, niet ver van de kerk af. Het was een stemdragende plaats, waaraan ook het recht van zwanejacht verbonden was.


Eigenaren en bewoners:

  • 1555 – Sije Buma verkoopt een ‘rente uit een heert’: “Daer ick Sije voorscer: nu ten tijt possidiere bruicke ende besitte leggende te Westergeest”.
  • 1566 – Here Doeckes Wiarda, met wie Sijes weduwe weer is getrouwd, woont in Westergeest.
  • 1580 – Ambrosius Gravius woont in Westergeest.
  • 1632 – Syttie Wiarda, weduwe van Andele Bruchts Hoytsma, verkoopt Buma-heert te Westergeest aan Hessel van Sminia, voogd over Wyger van Buma ‘de jongere’.
  • 1640 – Hessel van Sminia is eigenaar.
  • 1656 – 1657 – Wyger van Buma ‘de jongere’ woont op de boerderij.
  • 1675 – Willem Maurits van Hanecrooth koopt half Buma State.
  • 1640 – Grytman Sakema en Jelte Stoffels.
  • 1698 – Willem Maurits van Hanecrooth eigenaar, gebruiker Meyndert Elses. Meyndert Elses werd voor 1662 geboren. Hij overleed in 1720 en was getrouwd met Hiske Jacobs [* ± 1658]. Rond 1701 werd hun zoon Jacob Meinderts [† ± 1758] geboren.
  • 1708 – 1718 – zelfde eigenaar, zelfde gebruiker.
  • 1728 – Evert Ulrich van Hanecrooth eigenaar, Jacob Meinderts gebruiker
  • 1738 – dezelfde eigenaar, Oebele Zweitses gebruiker.
  • 1748 – Heyne Meynderts eigenaar en gebruiker
  • 1758 – dezelfde eigenaar, Meyndert Heynes gebruiker.
  • 1768 – dezelfde eigenaar, Doede Heines gebruiker.
  • 1778 – dezelfde eigenaar, Focke Wybes gebruiker.
  • 1788 – Focke Wybes voor zijn vrouw 1/2 gedeelte en Heine Doedes 1/2 gedeelte eigenaars en gebruikers.
  • 1798 – als in 1788.
  • 1818 – 1838 – Tjibbe Fokkes Fokkema 1/2 gedeelte, Wiepkje Wiebes Fokkema 1/2 gedeelte, voor de helft eigenaars van de boerderij en het huis. De andere helft behoort dan toe aan verschillende eigenaren.
  • 1850 – Ykje Tjibbes Fokkema, Fokke Tjibbes Fokkema, Pieter Tjibbes Fokkema en Baukje Tjibbes Fokkema eigenaars en gebruikers.
  • 1860 – Baukje Tj. Fokkema huwde Willem Andries Keuning [* 13|02|1827], [geedeeltelijk] eigenaar. Zij hebben tot 1900 op de boerderij gewoond nadat Willem Andries op 12 juni 1899 kwam te overlijden. Op bijgaande foto Willem Andries Keuning.
  • 1900 – dezelfde eigenaar, familie de Boer gebruiker.
  • 1933 – dezelfde eigenaar, familie Adema gebruiker.
  • 1945 – dezelfde eigenaar, Jan Tuinstra gebruiker.
  • 1950 – dezelfde eigenaar, Ybele Steenstra gebruiker.
  • 1963 – dezelfde eigenaar, Jan Steenstra gebruiker.
  • 1980 – Jan Steenstra koopt de boerderij en gebruikt deze. In 1982 heeft de toenmalige eigenaar en bewoner Jan Steenstra er om redenen bewust voor gekozen om de naam ‘Cleyn Buma’ in de muur te laten metselen in plaats van ‘Buma State’.
  • 1992 – Jan Steenstra stopt met het boerenbedrijf op deze boerderij.
  • 1998 – Rinze en Ellen Andringa kopen de boerderij en gebruiken deze als woning.

Deze post maakt deel uit van de QR-kuier